Last modified on 29 August 2014, at 19:03

gemoedstoestand

DutchEdit

EtymologyEdit

From gemoed (mood) +‎ -s- +‎ toestand (condition)

PronunciationEdit

  • Hyphenation: ge‧moeds‧toe‧stand

NounEdit

gemoedstoestand m (plural gemoedstoestanden, diminutive gemoedstoestandje n)

  1. mood