Last modified on 30 March 2014, at 18:29

verplaatsen

DutchEdit

EtymologyEdit

ver- + plaatsen

PronunciationEdit

VerbEdit

verplaatsen (past singular verplaatste, past participle verplaatst)

  1. to move, transfer – from one place (A) to another (B)
  2. to remove

ConjugationEdit