heilstaat

Contents

DutchEdit

EtymologyEdit

heil ‎(prosperity) +‎ staat ‎(state)

PronunciationEdit

  • (file)
  • Hyphenation: heil‧staat

NounEdit

heilstaat m ‎(plural heilstaten, diminutive heilstaatje n)

  1. ideal state, utopia
    Maar wat is nou die heilstaat als er muren omheen staan? Als je bang en voorzichtig met je mening moet omgaan? — But what's that ideal state when it's surrounded by walls? If you must handle your opinion fearfully and carefully?     (Klein Orkest – Over de muur)