luchtvaartuig

DutchEdit

EtymologyEdit

Compound of lucht +‎ vaartuig.

PronunciationEdit

  • IPA(key): /ˈlʏxtˌfaːr.tœy̯x/
  • (file)
  • Hyphenation: lucht‧vaar‧tuig

NounEdit

luchtvaartuig n (plural luchtvaartuigen, diminutive luchtvaartuigje n)

  1. aircraft, aerial vessel