bijgebouw

DutchEdit

EtymologyEdit

Compound of bij +‎ gebouw.

PronunciationEdit

  • IPA(key): /ˈbɛi̯.ɣəˌbɑu̯/
  • (file)
  • Hyphenation: bij‧ge‧bouw

NounEdit

bijgebouw n (plural bijgebouwen, diminutive bijgebouwtje n)

  1. outbuilding