krachtterm

DutchEdit

EtymologyEdit

Compound of kracht (strength, force) +‎ term (term). First attested in 1889.

PronunciationEdit

  • IPA(key): /ˈkrɑx.tɛrm/
  • (file)
  • Hyphenation: kracht‧term

NounEdit

krachtterm m (plural krachttermen, diminutive krachttermpje n)

  1. An expletive; a profane or abusive term, notably a curse, blasphemous or obscene oath. [from late 19th c.]
    • 1889 December 9, S., "Letterkundige kroniek. Een stuk zonder titel", Haagsche Courant, No. 2069, page 2.
      Een professor te Amsterdam verklaarde eens in klassieken waanzin (vergeef mij den krachtterm), dat hij nooit iets las dat niet minstens 10 jaar oud was.
      A professor in Amsterdam once declared in classical insanity (forgive me for the abusive term), that he never read anything that was not at least 10 years old.

SynonymsEdit

DescendantsEdit

  • Afrikaans: kragterm