Dutch

edit

Pronunciation

edit
  • Audio:(file)
  • Rhymes: -eːrt

Participle

edit

besmeerd

  1. past participle of besmeren

Declension

edit
Declension of besmeerd
uninflected besmeerd
inflected besmeerde
positive
predicative/adverbial besmeerd
indefinite m./f. sing. besmeerde
n. sing. besmeerd
plural besmeerde
definite besmeerde
partitive besmeerds