strijdbaar

Contents

DutchEdit

EtymologyEdit

strijden +‎ -baar

PronunciationEdit

AdjectiveEdit

strijdbaar ‎(comparative strijdbaarder, superlative strijdbaarst)

  1. militant, combative

DeclensionEdit

Inflection of strijdbaar
uninflected strijdbaar
inflected strijdbare
comparative strijdbaarder
positive comparative superlative
predicative/adverbial strijdbaar strijdbaarder het strijdbaarst
het strijdbaarste
indefinite m./f. sing. strijdbare strijdbaardere strijdbaarste
n. sing. strijdbaar strijdbaarder strijdbaarste
plural strijdbare strijdbaardere strijdbaarste
definite strijdbare strijdbaardere strijdbaarste
partitive strijdbaars strijdbaarders
Read in another language