Contents

DutchEdit

PronunciationEdit

EtymologyEdit

verkrijgen +‎ -baar

AdjectiveEdit

verkrijgbaar ‎(not comparable)

  1. obtainable, available

InflectionEdit

Inflection of verkrijgbaar
uninflected verkrijgbaar
inflected verkrijgbare
comparative
positive
predicative/adverbial verkrijgbaar
indefinite m./f. sing. verkrijgbare
n. sing. verkrijgbaar
plural verkrijgbare
definite verkrijgbare
partitive verkrijgbaars