Open main menu

Wiktionary β

Contents

DutchEdit

EtymologyEdit

From waarschuwen (warn) +‎ -ing (-ing)

PronunciationEdit

  • (file)
  • Hyphenation: waar‧schu‧wing

NounEdit

waarschuwing f (plural waarschuwingen, diminutive waarschuwinkje n)

  1. warning
Hij sloeg onze waarschuwingen in de wind. - He ignored our warnings.