aanzienlijk

Contents

DutchEdit

PronunciationEdit

AdjectiveEdit

aanzienlijk ‎(comparative aanzienlijker, superlative aanzienlijkst)

  1. considerable

DeclensionEdit

Inflection of aanzienlijk
uninflected aanzienlijk
inflected aanzienlijke
comparative aanzienlijker
positive comparative superlative
predicative/adverbial aanzienlijk aanzienlijker het aanzienlijkst
het aanzienlijkste
indefinite m./f. sing. aanzienlijke aanzienlijkere aanzienlijkste
n. sing. aanzienlijk aanzienlijker aanzienlijkste
plural aanzienlijke aanzienlijkere aanzienlijkste
definite aanzienlijke aanzienlijkere aanzienlijkste
partitive aanzienlijks aanzienlijkers

AdverbEdit

aanzienlijk

  1. considerably
Read in another language