relatief

Contents

DutchEdit

PronunciationEdit

AdjectiveEdit

relatief ‎(comparative relatiever, superlative relatiefst)

  1. relative

DeclensionEdit

Inflection of relatief
uninflected relatief
inflected relatieve
comparative relatiever
positive comparative superlative
predicative/adverbial relatief relatiever het relatiefst
het relatiefste
indefinite m./f. sing. relatieve relatievere relatiefste
n. sing. relatief relatiever relatiefste
plural relatieve relatievere relatiefste
definite relatieve relatievere relatiefste
partitive relatiefs relatievers

AdverbEdit

relatief

  1. relatively

SynonymsEdit

AntonymsEdit

Related termsEdit

Read in another language