stapsgewijs

DutchEdit

EtymologyEdit

From stap +‎ -gewijs.

PronunciationEdit

  • (file)

AdverbEdit

stapsgewijs

  1. stepwise, step-by-step

AdjectiveEdit

stapsgewijs (not comparable)

  1. stepwise, step-by-step

InflectionEdit

Inflection of stapsgewijs
uninflected stapsgewijs
inflected stapsgewijze
comparative
positive
predicative/adverbial stapsgewijs
indefinite m./f. sing. stapsgewijze
n. sing. stapsgewijs
plural stapsgewijze
definite stapsgewijze
partitive stapsgewijs