onderzoeken

Contents

DutchEdit

EtymologyEdit

onder +‎ zoek

PronunciationEdit

VerbEdit

onderzoeken ‎(past singular onderzocht, past participle onderzocht)

  1. to (do) research

ConjugationEdit

Inflection of onderzoeken (weak with past in -cht, prefixed)
infinitive onderzoeken
past singular onderzocht
past participle onderzocht
infinitive onderzoeken
gerund onderzoeken n
verbal noun
present tense past tense
1st person singular onderzoek onderzocht
2nd person sing. (jij) onderzoekt onderzocht
2nd person sing. (u) onderzoekt onderzocht
2nd person sing. (gij) onderzoekt onderzocht
3rd person singular onderzoekt onderzocht
plural onderzoeken onderzochten
subjunctive sing.1 onderzoeke onderzochte
subjunctive plur.1 onderzoeken onderzochten
imperative sing. onderzoek
imperative plur.1 onderzoekt
participles onderzoekend onderzocht
1) Archaic.

Related termsEdit

NounEdit

onderzoeken

  1. Plural form of onderzoek
Read in another language