vergevorderd

DutchEdit

EtymologyEdit

ver (far) +‎ gevorderd (past participle of vorderen)

PronunciationEdit

  • (file)

AdjectiveEdit

vergevorderd (not comparable)

  1. advanced, late
    een vergevorderd stadium — an advanced stage

InflectionEdit

Inflection of vergevorderd
uninflected vergevorderd
inflected vergevorderde
comparative
positive
predicative/adverbial vergevorderd
indefinite m./f. sing. vergevorderde
n. sing. vergevorderd
plural vergevorderde
definite vergevorderde
partitive vergevorderds